Wat is de rol van de bekkenbodem?

Een anatomisch huzarenstukje

De bekkenbodem bestaat uit een groep spieren dewelke de onderkant van het kleine bekken begrenzen. Doorheen deze spierlaag vinden de urineleider, de endeldarm en bij de vrouw de vagina een weg naar buiten. De controle van deze groep spieren gebeurt in het onderbewustzijn, maar deze kan je wel trainen – zo slagen we er in om als kind continent te worden.

De grootste spier van de bekkenbodem, genaamd de puborectalis spier, slingert van de achterkant van de bekkenkam naar het schaambeen vooraan. De andere belangrijke spier is de anale kringspier of sluitspier, dewelke uit twee lagen bestaat. Wanneer we stoelgang maken dienen deze beide spieren te ontspannen, zodat de weerstand wegvalt en stoelgang makkelijker naar buiten gedreven kan worden door de buikspieren aan te spannen of te persen.

De rol van de bekkenbodem in constipatie

Wanneer de coördinatie tussen de spieren foutief verloopt, treden er problemen op. Foutief aanspannen van de bekkenbodemspieren resulteert in moeizaam uitdrijven van stoelgang, een bevinding die we ‘paradoxaal perspatroon’ noemen. De bekkenbodem gaat als het ware ‘op slot’. Patiënten vertellen dan typisch dat ze minutenlang zitten persen zonder effect, dat ze de bekkenbodem moeten ondersteunen of dat de stoelgang zelfs met de vingers dient afgehaald te worden. Vaak gebeurt dit foutief persen onbewust, en wordt het een echte gewoonte. Je kan het vergelijken met een tube tandpasta: je kan er nog zo hard op duwen als je wilt, als de dop erop blijft zitten komt er geen tandpasta uit!

Beschadiging van de bekkenbodem

De bekkenbodem kan doorheen de jaren beschadigd geraken. Tijdens een bevalling kan de bekkenbodem scheuren, hetzij door het kindje hetzij door manipulaties, en dit al dan niet tot in de anale kringspier. Ook door jarenlang foutief paradoxaal persen wordt de bekkenbodem verder aangetast – de zenuwen die de bekkenbodemspieren aansturen worden hierdoor continu verder uitgerekt, waardoor deze hun functie verliezen en de patiënt nog harder gaat persen – zo belandt hij of zij in een vicieuze cirkel.

Onderzoeken

De bekkenbodem kan onder andere onderzocht worden door middel van een MRI-scan of door middel van een klein echotoestel dat anaal ingebracht wordt – zo spoort men eventuele defecten en scheuren in de sluitspier op, en kunnen we ook een foutief paradoxaal perspatroon in beeld brengen. Het belangrijkste onderzoek blijft natuurlijk het klinisch onderzoek door de arts en de kinesist, waarbij we letterlijk observeren en voelen hoe de bekkenbodem beweegt en functioneert tijdens verschillende manoeuvres (in rust, bij maximaal persen, bij het nabootsen van een defecatie,…).

Behandelingen

Wanneer een onbewust foutief perspatroon aan de basis ligt van een constipatieprobleem, wordt de patiënt naar een kinesist verwezen die vertrouwd is met deze problematiek om als het ware opnieuw correct te leren persen. Bij fysieke en/of mechanische beschadigingen van de bekkenbodem roepen we vaak de hulp in van onze collega-chirurgen om te kijken of een heelkundig herstel tot de mogelijkheden behoort. Maar ook dan blijft kinesitherapie een onontbeerlijke hoeksteen in de behandeling.

Meer artikels

Facebook

Via Facebook kunnen we je snel op de hoogte brengen van een nieuw artikel.

Klik hieronder om naar onze facebookpagina te gaan

IBS Belgium facebook